El Porvenir, Panama

Marker-blue.png|color:0xff0000|9.5652778,-78
Feb 08 - Feb 12, 2010

Views: 16154 Subscribers: 0

Onze oversteek naar Colombia zou vijf dagen en vier nachten duren, gelukkig niet allemaal op volle zee. De avond voordien maakten we al kennis met Adam & Sharon uit Londen en Peter en Cindy uit Oostenrijk. Samen vertrokken we de volgende morgend met volle moed naar de haven waar David, onze Franse kapitein, ons oppikte met een motorbootje. Een kwartiertje later waren we met alle bagage aan boord van de SY Tango, een klein zeilbootje.

Het eerste deel van onze vijfdaagse trip zou rustig zijn, want we zetten koers naar de San Blas eilanden, een groep tropische eilanden voor de kust van Panama. De trip ernaartoe zou een opwarmertje zijn van 8 uur zeilen, toch moest Ruth al voor de eerste keer over de reling gaan hangen. Tijd voor die zeeziektepilletjes die we gelukkig in Panama City ingeslagen hadden. We maakten ook voor het eerst kennis met de kookkunsten van David en die vielen absoluut in smaak. In volle zee en op een kleine kookvuurtje maakte hij een lekkere pasta klaar. In de late namiddag zagen we eerste eilanden aan de horizon. Onze eerste stop was Porvenir omdat daar het immigratiekantoor is, maar de verantwoordelijke bleek niet thuis... de dag nadien terugvaren dus. We vaarden nog een beetje verder voor we het anker uitgooiden nabij een prachtig klein eilandje.

Die avond kropen we voor het eerst in ons piepklein bedje vooraan de boeg. Omdat de boot geankerd lag, viel het schommelen best mee en we sliepen echt wel goed. Dinsdag hadden we een hele vrije dag aan het eiland. We haalden onze laatste aankoop uit de rugzakken, twee zwembrilletjes, en namen een duik in het warme water. We zwommen naar een piepklein eilandje (5 vierkante meter) en zagen vele mooie vissen en zeesterren. Wanneer we terug aan dek waren, zagen we ook een kleine familie dolfijnen passeren!

Toen de hitte wat minderde wandelden we ook rond het grote eiland en genoten met volle teugen van dit kleine paradijs. 's avonds gingen we nog naar een 'feestje' op het eiland, maar dit bleek niet meer dan een povere poging tot een kampvuur met palmbladeren en bij de eerste kans keerden we terug naar de boot en ons bedje.

De volgende dag vaarden we eerst terug naar Porvenir om onze paspoorten te laten stempelen. Nu was het officieel, wij waren uit Centraal Amerika. Daarna zette David onmiddellijk koers naar een ander San Blas eiland. We kregen er weer de kans om te gaan snorkelen in een prachtig rif. De rest van de namiddag spendeerden we rustig aan boord door wat te lezen en te babbelen. Rond 16u was het dan zo ver. We haalden voor het laatst het anker op en eens we in volle zee waren, werden alle zeilen gehesen. Al snel voelden we het iets ruwer worden en een goede 2 uur later verdwenen de laatste San Blas eilandjes uit het zicht.

Met het vallen van de avond zagen we voor het eerst al het lichtgevend plankton dat van de boot wegvlucht. De zee werd echter ruwer en ruwer en Ruth haar maag was hier niet heel blij mee. Ondertussen vulde Niel zijn buikje met de lekkere maaltijd die David weer klaarmaakte. Rond 8u maakte David bekend dat we de nacht in 3 shifts moesten doorbrengen. Ieder koppel aan boord zou twee uur de wacht houden. Concreet hield dit in dat we de horizon moesten afspeuren naar andere schepen en David moesten wakker maken bij eender welk gevaar of onregelmatigheid. Wij zouden de eerst shift nemen van middernacht tot 2u, maar om 22u besloot David al dat hij in bed ging kruipen... het zou dus een lange shift worden.

4 uur lang tuurden we de horizon af in de zwarte nacht. Af en toe kregen we een stevige golf over ons heen, maar we moesten geen alarm slagen en om half twee wekten we de Adam en Sharon om onze shift over te nemen. Moe kropen we in bed en dat was makkelijker gezegd dan gedaan. De golven waren superwild en de boot zwierde wild heen en weer terzijl we probeerden door de kajuit naar ons bed te kruipen. Eerst nog even naar de wc bleek ook geen sinecure... en toen we uiteindelijk in bed gekropen waren was de ellende nog niet over! Ruth lag aan de kant die naar boven helde en moest zich heel de tijd stevig aan de matras vastklampen om niet op Niel te rollen, die vrolijk lag te ronken tegen de andere kant van de boot. Ruth werd supermisselijk en besloot Niel te wekken, waarna we van plaats verwisselden. We ploegden het bed om tot we alletwee een beetje vastgeklemd lagen en zo sliepen we toch nog een paar uurtjes.

De volgende dag was nogal eentonig, we brachten de hele dag aan dek door, terwijl de boot rechtdoor vaarde. Er viel helemaal niets te bespeuren aan de horizon en het enige dat ons overkwam was af en toe een koude golf zout water! Gelukkig had Ruth door een combinatie van meer reisziektepilletjes en meer kleine maaltijden minder last van zeeziekte en haar eten belandde voor de verandering eens niet in de golven. Die avond was zo mogelijk nog ruwer dan de vorige, dus besloot kapitein David dat hij vanaf twee uur de wacht op zich zou nemen. Om tien uur zat onze shift erop en kletsnat baanden we ons opnieuw een weg naar de kajuit, waar we in dezelfde rare positie terug in slaap vielen.

De laatste dag op het schip was het afwachten om terug vasteland te zien. Tegen de middag was het zover en na nog een paar uurtjes varen, meerden we aan in de haven van Cartagena.

CommentsAdd